Enkele limericks
Een suffe ober uit Poznan
was het bedienen niet van plan.
Hij dronk zelf teveel wijn
benevelde zijn brein
en stopte de wijsheid in de kan.
Een orthopeed uit Wenen
had héle kromme tenen.
Het was een heel gevecht
maar hij zette ze zelf recht
en nam toen als een haas de benen.
Een verkouden visser uit Otterlo
zei: "snotverdorie, ik snotter zo.
M'n zakdoek is vol
dit wordt te dol
visvangen wordt wel steeds rotter zo".
Een slim boertje uit Litouwen
kon zijn urine niet meer hou'en.
Hij plaste zich nat
zei: "nou, dat is dat,
de wasbeurt is nu aan de vrouwen".
Een schone maagd uit Hengelo
kreeg een doos condooms cadeau.
De eerste werd in haast gescheurd
maar toen was het in een wip gebeurd.
Blozend sprak ze: "o! dus ontmaagden doe je zó!"
Een pinnige tante uit Zeldla
had nogal veel geld in haar geldla.
Ze gaf het niet uit
bewaakte haar buit
en zei: "ik hou dit vol tot ik doodga".
scroll back to top